Dalfsen

Kardinale deugden

Met een parochiaan raakte ik in gesprek. Hij sprak mij aan op mijn enthousiasme en spontaniteit. Dat bewonderde hij. Hij vertelde mij dat hij was opgevoed met de regel ‘wees verstandig.’
Nu, op latere leeftijd, besefte hij hoezeer deze regel altijd van invloed was geweest in zijn leven. Op de keuzes die hij maakte, op de beslissingen die hij nam. Altijd voerde het ‘verstandig zijn’ de boventoon.
Hij vroeg zich af of hij ooit wel eens had toegegeven aan spontane ideeën of invallen, die er toch ook wel waren geweest. Op mijn vraag wat hij hierop zelf zou antwoorden, zei hij –met humor: ‘daar heb ik geen actieve herinneringen aan.’
Wellicht, zo ging hij verder, was hij een levendiger persoonlijkheid geweest als hij zich -zo af en toe- had toegestaan wat minder verstandig te zijn en wat vaker uit de band te springen.
Het kwam mij zo voor, dat hij wel erg hard oordeelde over zichzelf en ik vroeg me af of dat wel zo verstandig was waarop hij heel spitsvondig antwoordde: ‘die vraag kwam zeker heel spontaan bij u op?’ Maar dat terzijde ..
Blijkbaar werd er wel een concreet antwoord van mij verwacht. Ik vroeg hem of hij wel eens had gehoord van de vier kardinale deugden.
Deze worden beschouwd als de belangrijkste deugden waar het in het leven om draait. De benaming komt van het Latijnse begrip Cardo, wat zoveel betekent als ‘pin.’ Zo`n pin (duim) in het kozijn waar de deur op rust.
De eerste kardinale deugd is de verstandigheid. Dan volgt de rechtvaardigheid, als derde wordt genoemd de matigheid en de vierde is de standvastigheid.
Vrij vertaald: denk na voordat je een besluit neemt. Wees eerlijk en rechtschapen. Schiet niet in uitersten, maar toon zelfbeheersing. Houd vast aan waar je ten diepste van overtuigd bent, blijf daarop focussen.

Deze vier kardinale deugden mogen de pin zijn waarop onze deur van het leven rust. De pin houdt de deur op zijn plek, maar die deur kan wel open en dicht. Of op een kier staan. Hoe ver wij de deur telkens openzetten bepalen we zelf naar gelang de beslissingen die we nemen.
De vier kardinale deugden willen ons behoeden voor roekeloosheid, voor oneerlijkheid, onmatigheid en onstandvastigheid.

Ik vertelde deze parochiaan dat hij zeker niet de eerste was die nadacht over zijn handelen en over de keuzes die hij maakte, maar dat daar zelfs in de oudheid al over na werd gedacht. En dat het antwoord op zijn vragen mocht zijn, dat hij een hoge morele levensstandaard had. En ik bekende dat ik dat bewonderde.

Van harte hoop ik, dat deze vier kardinale deugden ons allen mogen helpen om goede keuzes te maken, op welk gebied dan ook.

Pastor Marga klein Overmeen.