Witte zwanen, zwarte zwanen

Vroeger werd wel het lied gezongen “Witte zwanen, zwarte zwanen wie gaat er mee naar Engelland varen Engelland is gesloten De sleutel is gebroken. Is er dan geen timmerman die de sleutel maken kan?
Laat doorgaan, laat doorgaan wie achter is moet voorgaan.” Kent u dit liedje (nog)? Het werd op staart gespeeld. Ze liepen dan in een hele sliert, twee aan twee. Als men het hele liedje gezongen had gingen de armen omhoog en maakte men zo een boog. En wie achteraanliep, ging gebukt onder de boog door en mocht vooraan gaan staan en bepaalde de route hoe men verder moesten lopen, soms rechtdoor of ineens omdraaien, alles mocht. Kennen we ook de diepe betekenis van dit lied? Het gaat over lijden en sterven van Jezus. De witte zwanen vertellen over de geboorte. En waarom zwanen? Zij staan symbool voor zuiverheid, liefde en trouw. En wil Jezus niet dat wij zo leven? En de zwarte zwanen? Zij vertegenwoordigen de dood, het einde van ons leven hier op aarde. We zongen vroeger: wie gaat er mee naar Engeland varen, maar in het oorspronkelijke lied uit de 18e eeuw staat: ‘wie gaat er mee naar Engelenland varen?’ Daar wordt de hemel mee bedoeld. Maar door onze zonde is de hemel gesloten. We kunnen er niet uit onszelf naar toe gaan. Bovendien: de sleutel is gebroken. En dan komt de grote vraag waar het om draait: is er dan geen timmerman die de sleutel maken kan? Is het niet vreemd dat een timmerman een slot moest maken, maar wij allen hebben Jezus, de zoon van Jozef de timmerman nodig. Die alleen kan de sleutel maken: Jezus heeft aan het kruis voor onze zonden geboet. Hij heeft door te lijden en te sterven aan kruis de hemel voor ons weer geopend. En van Hem komt ook de uitnodiging: wie gaat er met Mij mee? Sluit u zich aan bij de rij, dan achter aansluiten, zo hoort dat. Maar als het lied gezongen wordt en de handen omhooggaan mag u eronder doorlopen. Want zullen niet vele laatsten de eersten zijn? We zingen: laat doorgaan, laat doorgaan, wie achter is mag voorgaan. Zo diep kan een eenvoudig kinderliedje zijn. Jezus heeft ook gezegd “Ik ben de deur,” die toegang geeft tot het Rijk van God. Hij zoekt ook ons.
Een aantal jaren geleden, werd ergens in Engeland een schilderij onthuld. Hierop stond Jezus af gebeeld, die voor een huis stond en op de deur klopte. De mensen die het schilderij zagen, vonden het heel mooi. Toen merkte een aandachtige toeschouwer iets bijzonders op. Hij ging naar de kunstenaar die het schilderij gemaakt had en zei: ‘Ik vind het een mooi schilderij, maar U bent iets vergeten. De deur waar Jezus op klopt heeft geen klink. Hoe kan Jezus dan naar binnen gaan?’ De kunstenaar antwoordde: ‘Die deur is de deur van ons hart. Ze kan alleen van binnenuit open ge-
maakt worden!
Pastor Hans de Vries.

Emmanuel parochie